|
Inleiding
Hoeke is een klein, sfeervol dorpje met slechts een handvol straten, temidden van polderweiden en het prachtige landschap bestaande uit knotwilgen, populieren, kronkelende grachten, oude hoeven en akkers. Ons dorpje is zéér bescheiden en kleinschalig: een bakker, slager, apotheek, dokter of garage vind je er niet en alle Hoekenaren zijn sterk aangewezen op de naburige grootsteden Brugge (12 km) en Knokke-Heist (7 km). Door zijn kleinschaligheid schuilt Hoeke eigenlijk in het niets, langs de expresweg ben je er zo voorbijgereden. Wie als buitenstaander Hoeke ontdekt, is echter verbaasd over de uitstraling van dit dorpje. Hoe zou men Hoeke kunnen omschrijven? Misschien wel met de volgende woorden: een kerkje “te lande” met sfeervol kerkhof, een handvol huizen op weg naar de kerk en langs de Damse Vaart, in de verte omringd met enkele boerderijen. Een beeld, haast ongelofelijk. “De tijd van toen bleef er gelukkig stilstaan”, horen we wel eens vertellen: het negentiende-eeuwse dorpsbeeld kan men hier nog altijd ontdekken. Haast poëtisch zou men kunnen schrijven dat de huisjes er liggen te dromen met open deuren. Tussen de kerk en die woningen rusten onze dierbare doden op het kerkhof. Een kat springt verdwaasd op als je passeert voorbij een hoeve, enkele plekjes met kasseistenen geven sfeer, de bermen zijn begroeid met een geurend kruidenkleed, de mussen dansen en de bomen en de bosduiven ronken hun lied. Hier is er nog tijd en ruimte voor natuur, landbouw, rust en eeuwige stilte. Omdat Hoeke zo kleinschalig is, kent iedereen hier iedereen en is er nog een sociaal leven. Toch is niet alles zo positief: bouwgrond is er niet, de jeugd zoekt andere oorden op en spijtig genoeg sterft dus de plaatselijke bevolking uit. Vrije woningen vallen immers ten prooi aan de macht van kapitaal: het mondaine Knokke is niet veraf!
De ligging van het centrum van het dorp is eigenlijk vreemd. De kleine maar zeer stemmige kerk staat immers niet in het midden van het dorp, maar wat afgelegen omringd met weiden en enkele huizen. Bij deze huizen valt de grote, oude en verwaarloosde pastorie onmiddellijk op. De geschiedenis van het dorp wordt merkbaar in de voormalige kosterswoning en twee voormalige schoolgebouwen (vroeger het klooster van de zusters, sinds vele jaren echter al privé-woning) op een boogscheut van de kerk. Op de grote parking aan de kerk groeiden er 30 jaar geleden nog tarwe of aardappelen. In de zomer is er de toeristische drukte langs de Damse Vaart, met verschillende cafés en enkele uitstekende restaurants voor de snoepers onder ons. Bij elke zonnestraal lopen de terrassen vol, en wordt er vooral genoten. De schoonheid van Hoeke vindt men in de bescheidenheid. tussen de bomen zie je in de verte enkel een spits kerktorentje opduiken. Wie Hoeke kent, komt hier wel eens vaker, op ieder tijdstip van het jaar. Vooral voor de rust, de natuurlijke schoonheid en de kracht van het verleden. Men komt om levensvitaminen op te doen en dan terug verder te gaan in het leven. Dankzij talrijke fietsroutes in het Brugse Ommeland fietsen tallozen hier voorbij. Ook het hengelen in de Damse Vaart is nog steeds populair, terwijl in een winterperiode met langdurige vrieskou Hoeke vooral gekend is voor zijn schaatsplezier op de Damse Vaart. Helaas stuurt deze strenge vrieskou reeds menige jaren haar kat, zodat dit schaatsplezier meer herinnering is dan realiteit... Van waar je ook komt, wie je ook bent, wat je ook zoekt, onthoud vooral: in Hoeke ben je welkom! |